bible.software › Psalmen › Psalmen 34 › Psalmen 34:25
Psalmen 34:25
En laetse niet segghen in hen herten, wel aen, wel aen onser zielen, noch en laetse niet segghen, wij sullen hem verslinden.
Leuvense Bijbel 1548
In Context
24Ordeelt my nae uwe rechtuerdicheyt Heere mijn Godt, ende en laetse ouer my niet blijde sijn.
26Laetse bescaemt worden ende bevreest tesamen, die hen verblijden van mijnen quaden. Laetse ghecleedt worden met bescaemtheyt ende beureestheyt, die quade dinghen spreken op my.
Read all of Psalmen 34
This Verse In Other Editions
Study Psalmen 34:25