bible.software › 2 Corinthians › 2 Corinthians 12 › 2 Corinthians 12:21
2 Corinthians 12:21
Ik vrees dat, als ik wederom kom, mijn God mij bij u zal vernederen en dat ik zal treuren over velen die te voren gezondigd hebben en geen berouw gehad hebben over de onreinheid en hoererij en ontucht die zij bedreven hebben.
Het Nieuwe Testament by Nicolaas De Jonge
In The King James Version
And lest, when I come again, my God will humble me among you, and that I shall bewail many which have sinned already, and have not repented of the uncleanness and fornication and lasciviousness which they have committed.
In Context
20Want ik vrees dat, als ik kom, ik u niet zóó zal vinden als ik begeer, en dat ik door u zóó zal gevonden worden als gij niet begeert; dat er misschien twist, jaloezie, gramschap, gekijf, achterklappingen, oorblazingen, verwaandheden, beroerten zijn.
Read all of 2 Corinthians 12
Cross References
Romans 9:2dat ik een groote droefheid heb en een voortdurende smart aan mijn harte.
This Verse In Other Editions
Study 2 Corinthians 12:21