Luke 10:29
Maar hij wilde zich zelven rechtvaardigen en zeide tot Jezus: En wie is mijn naaste?
Het Nieuwe Testament by Nicolaas De Jonge
In The King James Version
But he, willing to justify himself, said unto Jesus, And who is my neighbour?
In Context
28En Hij zeide tot hem: Recht geantwoord! doe dit en gij zult leven!
Cross References
Luke 10:36Wie van deze drie schijnt u toe de naaste te zijn geweest van hem die onder de roovers was gevallen?
Luke 18:9En Hij sprak ook tot sommigen, die van zich zelven waanden dat zij rechtvaardig waren en die de anderen verachtten, deze gelijkenis:
Romans 10:3Want Gods rechtvaardigheid niet kennende en zoekende hun eigen rechtvaardigheid te doen gelden, onderwerpen zij zich niet aan de rechtvaardigheid Gods,
James 2:24Gij ziet dus dat een mensch uit werken gerechtvaardigd wordt en niet alleen uit geloof.