Luke 10:36
Wie van deze drie schijnt u toe de naaste te zijn geweest van hem die onder de roovers was gevallen?
Het Nieuwe Testament by Nicolaas De Jonge
In The King James Version
Which now of these three, thinkest thou, was neighbour unto him that fell among the thieves?
In Context
Cross References
Matthew 21:28Maar wat dunkt u? Iemand had twee zonen. En hij kwam tot den een en zeide: Zoon, ga vandaag in mijn wijngaard werken!
Luke 7:42Alzoo zij nu niet hadden om te betalen schold hij het aan beiden kwijt. Wie van hen zal hem nu ‘t meest beminnen?