Luke 17:16
En hij viel op het aangezicht bij zijn voeten, Hem dankende. En deze was een Samaritaan.
Het Nieuwe Testament by Nicolaas De Jonge
In The King James Version
And fell down on his face at his feet, giving him thanks: and he was a Samaritan.
In Context
15Toen nu één hunner zag dat hij genezen was, keerde hij terug, met groote stem God de glorie gevende.
17Jezus dan antwoordde en zeide: Zijn niet de tien gereinigd? En de negen, waar zijn ze?
Cross References
Matthew 10:5Deze twaalf zond Jezus uit en gebood hun, zeggende: Op den weg tot de heidenen zult gij niet gaan, en in een stad der Samaritanen zult gij niet treden.
Luke 5:8Simon Petrus nu dit ziende, viel neder aan de knieën van Jezus, zeggende: Ga van mij weg, want ik ben een zondig man, Heere!
Luke 10:32Eveneens kwam er ook een Leviet aan die plaats, die hem zag en voorbijging.
John 4:21Jezus zeide tot haar? Geloof mij vrouwe! dat er een ure komt wanneer gij noch op dezen berg, noch in Jerusalem den Vader zult aanbidden.
John 5:23opdat zij allen den Zoon eeren, zooals zij den Vader eeren. Die den Zoon niet eert, die eert den Vader niet die Hem gezonden heeft.