The Bible Software
bible.softwareGenesisGenesis 2 › Genesis 2:7

Genesis 2:7

En de HEERE God had den mens geformeerd uit het stof der aarde, en in zijn neusgaten geblazen den adem des levens; alzo werd de mens tot een levende ziel.

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

And the LORD God formed man of the dust of the ground, and breathed into his nostrils the breath of life; and man became a living soul.

In Context

6Maar een damp was opgegaan uit de aarde, en bevochtigde den gansen aardbodem.

8Ook had de HEERE God een hof geplant in Eden, tegen het oosten, en Hij stelde aldaar den mens, dien Hij geformeerd had.

Read all of Genesis 2

Cross References

Genesis 3:19In het zweet uws aanschijns zult gij brood eten, totdat gij tot de aarde wederkeert, dewijl gij daaruit genomen zijt; want gij zijt stof, en gij zult tot stof wederkeren.

Genesis 7:22Al wat een adem des geestes des levens in zijn neusgaten had, van alles wat op het droge was, is gestorven.

Numbers 27:16Dat de HEERE, de God der geesten van alle vlees, een man stelle over deze vergadering.

Job 27:3Zo lang als mijn adem in mij zal zijn, en het geblaas Gods in mijn neus;

Job 33:6Zie, ik ben Godes, gelijk gij; uit het leem ben ik ook afgesneden.

Psalms 103:14Want Hij weet, wat maaksel wij zijn, gedachtig zijnde, dat wij stof zijn.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Genesis 2:7

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Genesis 2:6Genesis 2Genesis 2:8 →