Hosea 7:2
En zij zeggen niet in hun hart, dat Ik al hunner boosheid gedachtig ben; nu omsingelen hen hun handelingen, zij zijn voor Mijn aangezicht.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
3Zij verblijden den koning met hun boosheid, en de vorsten met hun leugenen.
Cross References
Deuteronomy 32:29O, dat zij wijs waren; zij zouden dit vernemen, zij zouden op hun einde merken.
Job 34:21Want Zijn ogen zijn op ieders wegen, en Hij ziet al zijn treden.
Psalms 10:11Hij zegt in zijn hart: God heeft het vergeten, Hij heeft Zijn aangezicht verborgen, Hij ziet niet in eeuwigheid.
Psalms 50:22Verstaat dit toch, gij godvergetenden! opdat Ik niet verscheure en niemand redde.
Proverbs 5:21Want eens iegelijks wegen zijn voor de ogen des HEEREN, en Hij weegt al zijne gangen.
Isaiah 5:12En harpen en luiten, trommelen en pijpen, en wijn zijn in hun maaltijden; maar zij aanschouwen het werk des HEEREN niet, en zij zien niet op het maaksel Zijner handen.