Job 26:8
Hij bindt de wateren in Zijn wolken; nochtans scheurt de wolk daaronder niet.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
He bindeth up the waters in his thick clouds; and the cloud is not rent under them.
In Context
7Hij breidt het noorden uit over het woeste; Hij hangt de aarde aan een niet.
9Hij houdt het vlakke Zijns troons vast; Hij spreidt Zijn wolk daarover.
Cross References
Genesis 1:7En God maakte dat uitspansel, en maakte scheiding tussen de wateren, die onder het uitspansel zijn, en tussen de wateren, die boven het uitspansel zijn. En het was alzo.
Job 37:11Ook vermoeit Hij de dikke wolken door klaarheid; Hij verstrooit de wolk Zijns lichts.
Job 38:37Wie kan de wolken met wijsheid tellen, en wie kan de flessen des hemels nederleggen?
Psalms 135:7Hij doet dampen opklimmen van het einde der aarde; Hij maakt de bliksemen met den regen; Hij brengt den wind uit Zijn schatkameren voort.
Proverbs 30:4Wie is ten hemel opgeklommen, en nedergedaald? Wie heeft den wind in Zijn vuisten verzameld? Wie heeft de wateren in een kleed gebonden? Wie heeft al de einden der aarde gesteld? Hoe is Zijn Naam, en hoe is de Naam Zijns Zoons, zo gij het weet?
Jeremiah 10:13Als Hij Zijn stem geeft, zo is er een gedruis van wateren in den hemel, en Hij doet de dampen opklimmen van het einde der aarde; Hij maakt de bliksemen met den regen, en doet den wind voortkomen uit Zijn schatkameren.