The Bible Software
bible.softwareJobJob 30 › Job 30:29

Job 30:29

Ik ben den draken een broeder geworden, en een metgezel der jonge struisen.

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

I am a brother to dragons, and a companion to owls.

In Context

28Ik ga zwart daarheen, niet van de zon; opstaande schreeuw ik in de gemeente.

30Mijn huid is zwart geworden over mij, en mijn gebeente is ontstoken van dorrigheid.

Read all of Job 30

Cross References

Job 17:14Tot de groeve roep ik: Gij zijt mijn vader! Tot het gewormte: Mijn moeder, en mijn zuster!

Psalms 102:6(102:7) Ik ben een roerdomp der woestijn gelijk geworden, ik ben geworden als een steenuil der wildernissen.

Isaiah 13:21Maar daar zullen nederliggen de wilde dieren der woestijnen, en hun huizen zullen vervuld worden met schrikkelijke gedierten, en daar zullen de jonge struisen wonen, en de duivelen zullen er huppelen.

Micah 1:8Hierom zal ik misbaar bedrijven en huilen; ik zal beroofd en naakt gaan; ik zal misbaar maken als de draken, en treuren als de jonge struisen.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Job 30:29

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Job 30:28Job 30Job 30:30 →