Job 9:7
Die de zon gebiedt, en zij gaat niet op; en verzegelt de sterren;
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
Which commandeth the sun, and it riseth not; and sealeth up the stars.
In Context
6Die de aarde beweegt uit haar plaats, dat haar pilaren schudden;
8Die alleen de hemelen uitbreidt, en treedt op de hoogten der zee;
Cross References
Joshua 10:12Toen sprak Jozua tot den HEERE, ten dage als de HEERE de Amorieten voor het aangezicht de kinderen Israels overgaf, en zeide voor de ogen der Israelieten: Zon, sta stil te Gibeon, en gij, maan, in het dal van Ajalon!
Job 37:7Dan zegelt Hij de hand van ieder mens toe, opdat Hij kenne al de lieden Zijns werks.
Job 38:19Waar is de weg, daar het licht woont? En de duisternis, waar is haar plaats?
Ezekiel 32:7En als Ik u zal uitblussen, zal Ik den hemel bedekken, en zijn sterren zwart maken; Ik zal de zon met wolken bedekken, en de maan zal haar licht niet laten lichten.
Amos 4:13Want zie, Die de bergen formeert, en den wind schept, en den mens bekend maakt, wat zijn gedachte zij, Die den dageraad duisternis maakt, en op de hoogten der aarde treedt, HEERE, God der heirscharen, is Zijn Naam.
Matthew 24:29En terstond na de verdrukking dier dagen, zal de zon verduisterd worden, en de maan zal haar schijnsel niet geven, en de sterren zullen van den hemel vallen, en de krachten der hemelen zullen bewogen worden.