Luke 8:32
En aldaar was een kudde veler zwijnen, weidende op den berg; en zij baden Hem, dat Hij hun wilde toelaten in dezelve te varen. En Hij liet het hun toe.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
31En zij baden Hem, dat Hij hun niet gebieden zou in den afgrond heen te varen.
Cross References
1 Kings 22:22(22:21) En de HEERE zeide tot hem: Waarmede? (22:22) En hij zeide: Ik zal uitgaan, en een leugengeest zijn in den mond van al zijn profeten. En Hij zeide: Gij zult overreden, en zult het ook vermogen; ga uit en doe alzo.
Job 1:12En de HEERE zeide tot den satan: Zie, al wat hij heeft, zij in uw hand; alleen aan hem strek uw hand niet uit. En de satan ging uit van het aangezicht des HEEREN.
Psalms 62:11(62:12) God heeft een ding gesproken, ik heb dit tweemaal gehoord: dat de sterkte Godes is.
Isaiah 66:3Wie een os slacht, slaat een man; wie een lam offert, breekt een hond den hals; wie spijsoffer offert, is als die zwijnenbloed offert; wie wierook brandt ten gedenkoffer, is als die een afgod zegent. Dezen verkiezen ook hun wegen, en hun ziel heeft lust aan hun verfoeiselen.
Mark 5:11En aldaar aan de bergen was een grote kudde zwijnen, weidende.
1 John 4:4Kinderkens, gij zijt uit God, en hebt hen overwonnen; want Hij is meerder, Die in u is, dan die in de wereld is.