1 Corinthiërs 10:18
Beschouwt het Israël naar het vlees; zijn zij, die de offerspijzen eten, niet in gemeenschap met het altaar?
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Behold Israel after the flesh: are not they which eat of the sacrifices partakers of the altar?
In Context
19Wat wil ik hiermee zeggen? Dat het offervlees iets is, of dat een afgod iets is?
Cross References
Leviticus 3:11De priester moet het op het altaar als een vuurofferspijs voor Jahweh in rook doen opgaan.
Leviticus 7:11Dit is de wet op de vredeoffers, die men aan Jahweh opdraagt.
1 Samuel 9:12Ze antwoordden hun: Ja, de ziener is juist vóór u in de stad aangekomen; want er is vandaag op de hoogte een offer voor het volk.
Romans 4:1Hoe heeft dan, naar onze redenering, Abraham, onze Vader naar het vlees, de gerechtigheid verkregen?
Romans 9:3Waarachtig, zelf zou ik van Christus gescheiden willen zijn terwille van mijn broeders, mijn stamverwanten naar het vlees.
2 Corinthians 11:18Maar omdat er zovelen zijn, die roemen naar het vlees, zal ook ik het eens doen.