2 Koningen 10:27
de heilige zuil van Báal sloegen ze stuk. Tenslotte verwoestten ze de Báaltempel, en maakten er een mestvaalt van. Zo is het gebleven tot op deze dag.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
26smeten de heilige palen van Báal naar buiten, en verbrandden ze;
28Zo roeide Jehoe Báal in Israël uit.
Cross References
Exodus 34:13Neen, gij moet hun altaren verwoesten, hun wijstenen omverwerpen en hun heilige bomen omhakken.
Deuteronomy 7:5Neen, maar zó moet gij met hen handelen: hun altaren moet ge omverwerpen, hun wijstenen verbrijzelen, hun heilige bomen omhouwen, hun afgodsbeelden verbranden.
1 Kings 16:32Hij richtte voor Báal een altaar op in de Báalstempel, die hij te Samaria gebouwd had.
2 Kings 11:18Toen liep al het gewone volk naar de tempel van Báal en verwoestte hem; zij vernielden de altaren, sloegen de beelden kort en klein, en doodden den Báalpriester Mattan voor het altaar. Nadat de priester Jehojada wachtposten in de tempel van Jahweh had geplaatst,
2 Kings 23:7Het verblijf der verminkten in de tempel van Jahweh, waar vrouwen klederen weefden voor Asjera, brak hij af.
Ezra 6:11En wanneer iemand iets verandert aan deze beschikking, dan beveel ik, dat een balk uit zijn woning zal worden gerukt, waaraan hij moet worden opgehangen en vastgeslagen, en dat van zijn huis een mesthoop moet worden gemaakt.