2 Timotheüs 4:21
Doe uw best, nog vóór de winter te komen. Eubulus, Pudens, Linus, Cláudia en alle broeders groeten u.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
20Trófimus heb ik ziek in Milete achtergelaten.
22De Heer zij met uw geest. De genade zij met u allen!
Cross References
Romans 16:21Timóteus, mijn medehelper, en mijn stamgenoten Lúcius, Jason en Sosipatros laten u groeten.
2 Corinthians 13:13U groeten al de heiligen.
2 Timothy 1:4En zo vaak ik terugdenk aan uw tranen, komt in mij het verlangen op, u weer te zien, om zelf met blijdschap te worden vervuld.
2 Timothy 4:13Wanneer ge komt, breng dan de mantel mee, die ik in Troas bij Carpus heb achtergelaten; ook de boeken en vooral de perkamenten.
3 John 1:14ik hoop u echter spoedig te zien, en dan zullen we spreken van mond tot mond. Vrede zij u! De vrienden groeten u. Groet de vrienden één voor één!