Ezechiël 27:3
en zeggen tot Tyrus, dat de toegangen der zee beheerst, en handel drijft met de volken op vele kusten: Zo spreekt Jahweh, de Heer! Tyrus, ge dacht bij u zelf: Ik ben het toppunt van schoonheid!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
2Mensenkind, ge moet over Tyrus een klaagzang aanheffen,
4Op de hoge zee lag uw domein, Uw bouwers voerden uw schoonheid ten top!
Cross References
Proverbs 31:14Als een handelsschip haalt ze van verre haar spijs,
Isaiah 23:8Wie heeft zo iets durven beslissen Tegen Tyrus, dat kronen verdeelde, Wiens kooplieden golden voor vorsten, Wiens handelaars over heel de aarde waren geëerd’
Ezekiel 26:17Dan heffen ze een klaagzang over u aan, En zeggen tot u: Hoe zijt ge gevallen, van de zeeën verdwenen, Gij hooggeprezen stad! Gij, die machtig waart op de oceaan: Gijzelf en uwe bevolking; Die de schrik aanjoegt Bij al zijn bewoners.
Ezekiel 27:10Perzen, Lydiërs en de mannen van Poet Stonden als krijgers op uw wallen; Schild en helm hingen ze aan u op, En verleenden u aanzien.
Ezekiel 28:12Mensenkind, ge moet over den koning van Tyrus een klaaglied aanheffen, en hem zeggen: Zo spreekt Jahweh, de Heer! Gij waart de keur der schepping, Van wijsheid vervuld, van volmaakte schoonheid.
Revelation 18:11Ook de kooplieden der aarde zullen wenen en klagen over haar, omdat niemand hun lading meer koopt: