Hosea 2:8
Zij heeft niet willen erkennen, dat Ik het was, Die haar koren, wijn en olie verschafte, Dat Ik haar zilver in overvloed schonk, En goud, waar zij Báals van maakte;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
9Daarom zal Ik haar bij de oogst mijn koren ontnemen, De wijn als de tijd ervoor aanbreekt.
Cross References
Exodus 32:2Aäron gaf hun ten antwoord: Haalt de gouden ringen uit de oren van uw vrouwen, zonen en dochters, en brengt die bij mij.
Judges 17:1Er was toen een man uit het bergland van Efraïm, Mikajehoe genaamd.
Job 19:8Hij heeft mijn weg versperd: ik kan niet voorbij, En duisternis op mijn paden gelegd;
Isaiah 24:7De wijntros kwijnt, de wingerd versmacht, Wat dartel is, zucht;
Jeremiah 7:18De kinderen sprokkelen hout, de vaders ontsteken het vuur, en de vrouwen kneden het deeg, om koeken te bakken voor de Koningin des hemels; en men draagt plengoffers op aan vreemde goden, om Mij verdriet aan te doen.
Ezekiel 16:16Ge hebt uw kleren misbruikt, om er bonte hoogten van te maken: daarop hebt ge de deerne gespeeld, onbeschaamd en onbevreesd.