Job 20:26
De diepste duisternis houdt hem omvangen; Een vuur verslindt hem, dat niet is ontstoken, Vreet weg wat nog leeft in zijn tent.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
25Puilt de schicht uit zijn rug, De bliksemende pijl uit zijn gal. Dan overvalt hem de doodschrik,
27De hemelen openbaren zijn schuld, En de aarde staat tegen hem op;
Cross References
Job 18:5Waarachtig, het licht van den boze dooft uit, De vlam van zijn vuur blijft niet schijnen;
Psalms 21:9Gij zult ze doen blozen als een gloeiende oven, Wanneer gij maar een blik op hen werpt. Jahweh zal in zijn toorn ze verslinden, En het vuur ze verteren.
Psalms 120:4Scherpgepunte oorlogspijlen, Met gloeiende houtskool!
Isaiah 14:20Gij wordt weggetrapt als een kreng, en bij hen niet begraven Want gij hebt uw eigen land verwoest, uw volk vermoord! Nooit zal iemand nog spreken Van het geslacht van dien booswicht!
Matthew 3:12Hij heeft zijn wan in de hand, en Hij zal zijn dorsvloer zuiveren; de tarwe verzamelen in de schuur, maar het kaf verbranden in onuitblusbaar vuur.
Jude 1:13woeste golven der zee, die hun eigen schande opspatten; dwaalsterren, wie diepste duisternis voor eeuwig wacht.