Job 38:25
Wie heeft voor de stortvloed kanalen gegraven, En paden voor de donderwolken,
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Who hath divided a watercourse for the overflowing of waters, or a way for the lightning of thunder;
In Context
24Waar is de weg, waar de kou zich verspreidt, Waar de oostenwind over de aarde giert?
26Om regen te geven op onbewoond land, Op steppen, waar zich geen mens bevindt;
Cross References
Job 28:26Toen Hij de regen zijn wet gaf, En de donder zijn weg.
Job 37:3Langs heel de hemel slingert Hij zijn bliksem, En tot de grenzen der aarde.
Psalms 135:7Hij laat de wolken verrijzen Aan de kimmen der aarde; Smeedt de bliksem tot regen, Haalt de wind uit zijn schuren.