Psalmen 135:7
Hij laat de wolken verrijzen Aan de kimmen der aarde; Smeedt de bliksem tot regen, Haalt de wind uit zijn schuren.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
6Jahweh doet wat Hij wil In hemel en aarde, in zeeën en diepten.
8Hij was het, die Egypte’s eerstgeborenen sloeg, Van mensen en vee;
Cross References
Genesis 2:6maar een damp steeg op uit de aarde, die heel de aardbodem drenkte.
1 Kings 18:41Daarna sprak Elias tot Achab: Ga nu eten en drinken; want ik hoor reeds het ruisen van regen.
Job 28:25Toen Hij het gewicht van de wind bepaalde, De maat voor het water bestemde;
Job 38:22Zijt ge doorgedrongen tot de schuren der sneeuw, Hebt ge de opslagplaatsen van de hagel aanschouwd,
Psalms 78:26Hij liet ook aan de hemel de oostenwind waaien, En zweepte de zuidenwind op door zijn kracht:
Psalms 148:8Vuur en hagel, sneeuw en ijzel, Stormwind, die zijn bevelen volbrengt!