Job 39:19
Geeft gij het paard zijn heldenmoed, Hebt gij zijn nek met kracht bekleed;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Hath thou given the horse strength? hast thou clothed his neck with thunder?
In Context
18Toch rent ze weg, zodra de boogschutters komen, En spot met het paard en zijn ruiter!
20Laat gij als een sprinkhaan het springen, Laat gij het hinniken, geweldig en fier?
Cross References
Job 39:25Bij iedere trompetstoot roept het: Hoera! Van verre reeds snuift het de strijd, De donderende stem van de leiders, Het schreeuwen der krijgers!
Psalms 33:17Ook het ros kan de zege niet schenken, Door zijn grote snelheid niet redden.
Psalms 104:1Halleluja! Loof Jahweh, mijn ziel: Jahweh, mijn God, hoog zijt Gij verheven! Gij hebt U met glorie en luister omkleed,
Mark 3:17dan Jakobus, den zoon van Zebedeus, en Johannes, den broer van Jakobus, aan wie Hij de bijnaam Boanerges gaf, dat is zonen van de donder.