Job 39:28
Hij woont en nestelt op rotsen, Op steile en ontoegankelijke klippen;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
She dwelleth and abideth on the rock, upon the crag of the rock, and the strong place.
In Context
27Neemt op uw bevel de gier zijn vlucht, En bouwt hij zijn nest in de hoogte?
29Van daar beloert hij zijn prooi, Uit de verte spieden zijn ogen.
Cross References
1 Samuel 14:4Tussen de passen, waarlangs Jonatan een doortocht zocht naar de Filistijnenpost, bevond zich aan weerszijden een rotspunt; de een heette Boses, de andere Senne;