Nehemia 10:7
Mesjoellam, Abi-ja, Mi-Jamin,
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
8Maäzja, Bilgai en Sjemaja; dit zijn de priesters.
Cross References
Nehemiah 3:6De Oude Poort bouwden Jojada, de zoon van Paséach, en Mesjoellam, de zoon van Besodeja; ze overkapten haar, en voorzagen haar van deuren, sluitbomen en grendels.
Nehemiah 11:11en Seraja, de zoon van Chilki-ja, zoon van Mesjoellam, zoon van Sadok, zoon van Merajot, zoon van Achitoeb stonden aan het hoofd van de tempel;
Nehemiah 12:13die van Ezra, Mesjoellam, Amarja, Jehochanan;
Nehemiah 12:25Mattanja, Bakboekja, Obadja. De poortwachters, die de wacht hielden bij de voorraadkamers der poorten, waren: Mesjoellam, Talmon en Akkoeb.