Spreuken 14:21
Een zondaar geeft niet om zijn naaste; Zalig hij, die zich over de armen ontfermt!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
He that despiseth his neighbour sinneth: but he that hath mercy on the poor, happy is he.
In Context
20Zelfs bij zijn buur is een arme gehaat, Maar de vrienden van een rijkaard zijn talrijk.
Cross References
Job 31:13Indien ik het recht van mijn slaaf heb verkracht, Of van mijn slavin, met mij in geschil:
Psalms 22:24“Want nimmer heeft Hij versmaad of veracht De ellende van den verdrukte; Zijn aanschijn voor hem niet verborgen, Maar hem verhoord, als hij Hem riep!”
Psalms 41:2Jahweh behoedt en behoudt hem, maakt hem gelukkig op aarde, En geeft hem niet prijs aan de haat van zijn vijand.
Psalms 112:9Milddadig deelt hij aan de armen uit: Zijn gerechtigheid houdt in eeuwigheid stand, En zijn hoorn verheft zich in ere.
Proverbs 11:24Er zijn mensen, die maar uitdelen, en nòg worden ze rijker; Anderen, die maar oppotten, en ze gaan achteruit.
Proverbs 17:5Wie een arme bespot, smaadt zijn Schepper; Wie leedvermaak heeft, blijft niet ongestraft.