The Bible Software
bible.software › Spreuken › Spreuken 16 › Spreuken 16:26

Spreuken 16:26

De honger zet den arbeider aan tot werken; Zijn mond dwingt hem ertoe.

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

He that laboureth laboureth for himself; for his mouth craveth it of him.

In Context

25Soms houdt men een weg voor de rechte, Die tenslotte uitloopt op de dood.

27Een man, die niet deugt, is een oven van boosheid; Op zijn lippen brandt als het ware een vuur.

Read all of Spreuken 16

Cross References

Proverbs 9:12Zijt ge wijs, ge zijt wijs tot uw eigen voordeel; Zijt ge eigenwijs, gij alleen moet ervoor boeten!

Ecclesiastes 6:7Al het zwoegen van den mens geldt zijn mond; Toch wordt zijn begeerte er niet door verzadigd.

2 Thessalonians 3:8We hebben niemands brood om niet gegeten, maar nacht en dag gearbeid in zwoegen en slaven, om niemand van u tot last te zijn;

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Spreuken 16:26

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Spreuken 16:25Spreuken 16Spreuken 16:27 →