Spreuken 2:13
Voor hen, die het rechte pad hebben verlaten, En wandelen op duistere wegen;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Who leave the paths of uprightness, to walk in the ways of darkness;
In Context
12Zij zullen u behoeden voor de weg van het kwaad, Voor den man, die leugentaal spreekt;
14Voor hen, wie de misdaad een vreugde is, En die om boze plannen juichen,
Cross References
Job 24:13En schuwen het licht; Ze kennen zijn wegen niet, En blijven niet op zijn paden.
Psalms 36:3Het woord van zijn mond Is leugen en bedrog. Hij weigert, zich verstandig en goed te gedragen;
Proverbs 4:19De weg der bozen gelijkt op een donkere nacht, Ze weten niet, waarover ze struikelen;
Isaiah 59:8De weg van de vrede kennen ze niet, En in hun sporen vindt men geen recht; Hun paden maken ze krom, Wie ze betreedt, vindt geen vrede.
Ezekiel 33:12Mensenkind, ge moet tot uw volksgenoten zeggen: De deugd van den rechtschapene zal hem niet baten zodra hij zondigt, en de boosheid van den zondaar zal voor hem geen beletsel zijn, als hij zich van zijn boosheid bekeert; néén, de deugd van den rechtschapene zal hem niet in leven laten, als hij zondigt.
Matthew 12:43Wanneer de onreine geest van iemand is uitgegaan, zwerft hij rond in dorre oorden; hij zoekt rust, en vindt ze niet.