Spreuken 22:9
Een vriendelijk mens wordt gezegend, Want hij deelt met den arme zijn brood.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
He that hath a bountiful eye shall be blessed; for he giveth of his bread to the poor.
In Context
8Wie onrecht zaait, zal onheil oogsten; De vrucht van zijn arbeid gaat te niet.
10Jaag den spotter weg, en het twisten houdt op, Er komt een eind aan vechten en schimpen.
Cross References
Deuteronomy 28:56De meest verwende en vertroetelde vrouw onder u, zo verwend en vertroeteld, dat zij zelfs haar voet niet op de grond durft zetten, zal aan haar man in haar armen, aan haar zoon en haar dochter,
Psalms 41:1Voor muziekbegeleiding. Een psalm van David. Heil, die bezorgd is voor zwakken en armen: Op de dag van rampspoed zal Jahweh hem redden.
Proverbs 11:17Een vriendelijk mens doet zich zelven goed, Een wreedaard kwelt zijn eigen vlees.
Proverbs 11:27Wie naar het goede streeft, vindt welbehagen; Wie het kwaad najaagt, hem zal het treffen.
Proverbs 19:17Wie goed is voor een arme, leent aan Jahweh; Hij zal hem zijn weldaad vergelden.
Proverbs 28:24Wie zijn vader en moeder berooft, en zegt: “Het is niet verkeerd”, Is een gezel van den misdadiger.