Spreuken 29:7
De rechtvaardige houdt rekening met de rechten der armen, De boze echter verstaat geen reden.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
The righteous considereth the cause of the poor: but the wicked regardeth not to know it.
In Context
6Op het pad van een booswicht ligt een valstrik, Maar de rechtvaardige loopt vrolijk voort.
8Spotters steken een stad in brand, Wijzen bedaren het oproer.
Cross References
1 Samuel 25:25Laat mijn heer zich toch niet storen aan dien deugnietmvan een Nabal; want zoals hij heet, zo is hij: “dwaas” is zijn naam en dwaasheid is zijn faam. Ik, uw dienares, heb de knechten niet gezien, die mijn heer had gestuurd.
Job 31:13Indien ik het recht van mijn slaaf heb verkracht, Of van mijn slavin, met mij in geschil:
Psalms 31:7Wil juichen en jubelen in uw genade. Want Gij ziet mijn ellende, En kent de angst van mijn ziel.
Psalms 72:12Want Hij zal den arme tegen den rijke beschermen, En den verdrukte, die geen helper meer heeft;
Proverbs 31:8Kom op voor hen, die niets weten te zeggen, Voor het recht van allen, die verkwijnen;
Jeremiah 22:15Zijt ge koning geworden, Om met ceders te pronken? Zeker, ook uw vader heeft gegeten en gedronken, Maar hij deed er recht en gerechtigheid bij: