Psalmen 101:6
Mijn ogen zijn gericht op de getrouwen in het land, Om ze bij mij te doen wonen; En wie een onberispelijk leven leidt, Mag mij dienen.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
Cross References
Leviticus 14:42Daarna moet men andere stenen nemen en ze in de plaats van die stenen zetten, en andere leem, om daarmee het huis te bestrijken.
Psalms 34:15De ogen van Jahweh zijn op de vromen gericht, Zijn oren naar hun smeken gekeerd;
Psalms 119:63Ik ben de vriend van al, die U vreest, En die uw bevelen volbrengt;
Proverbs 29:2Als rechtvaardigen heersen, verheugt zich het volk; Als de boze regeert, zuchten de mensen.
Luke 12:43Gelukkig de dienaar, dien de heer bij zijn komst daarmee bezig vindt.
John 14:3En wanneer Ik zal zijn heengegaan en u een plaats zal hebben bereid, dan kom Ik terug, en zal u tot Mij nemen; opdat ook gij moogt zijn, waar Ikzelf ben.