Psalmen 109:11
De woekeraar legge beslag op heel zijn bezit, En vreemden mogen met zijn verdiensten gaan strijken.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Let the extortioner catch all that he hath; and let the strangers spoil his labour.
In Context
10Mogen zijn zonen als bedelaars zwerven, Zelfs uit hun krotten worden verjaagd.
12Laat niemand zich zijner ontfermen, Niemand zich over zijn wezen erbarmen;
Cross References
Deuteronomy 28:33Een volk, dat ge niet kent, zal de vruchten van uw bodem en van al uw arbeid verslinden, terwijl gij altijd door zó wordt verdrukt en mishandeld,
Judges 6:3Telkens als de Israëlieten gezaaid hadden, trokken de Midjanieten, Amalekieten en stammen uit het oosten tegen hen uit,
Job 18:9Een klem grijpt zijn hiel, een net houdt hem vast.