Psalmen 109:10
Mogen zijn zonen als bedelaars zwerven, Zelfs uit hun krotten worden verjaagd.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
9Zijn kinderen mogen wezen, Zijn vrouw een weduwe worden;
11De woekeraar legge beslag op heel zijn bezit, En vreemden mogen met zijn verdiensten gaan strijken.
Cross References
2 Samuel 3:29Het moge neerkomen op het hoofd van Joab en van heel zijn familie. Steeds moge er in de familie van Joab iemand zijn, die aan vloeiing of melaatsheid lijdt, die op krukken gaat, door het zwaard komt te vallen of broodsgebrek heeft!
Job 5:4Zijn kinderen werden van hulp verstoken, Reddeloos vertrapt in de poort;
Job 27:14Krijgt hij veel zonen, ze zijn bestemd voor het zwaard, En zijn kroost lijdt gebrek;
Psalms 37:25Ik was jong, en nu ben ik oud: Maar nooit heb ik een vrome verlaten gezien;
Isaiah 16:2En als vluchtende vogels Uit een opgejaagd nest Staan de dochters van Moab Aan de passen van de Arnon!