The Bible Software
bible.software › Psalmen › Psalmen 137 › Psalmen 137:8

Psalmen 137:8

En gij, dochter van Babel, moordenares: Heil hem, die u vergeldt wat gij ons hebt gedaan;

De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939

In The King James Version

O daughter of Babylon, who art to be destroyed; happy shall he be, that rewardeth thee as thou hast served us.

In Context

7Jahweh, reken de zonen van Edom De dag van Jerusalem toe; Die riepen: Smijt ze neer, smijt ze neer; Neer met haar op de grond!

9Heil hem, die uw kinderen grijpt, En tegen de rots te pletter slaat!

Read all of Psalmen 137

Cross References

Isaiah 13:1De godsspraak over Babel, die Isaias, de zoon van Amos, ontving:

Isaiah 21:1Godsspraak over de woestijn aan de zee. Als een orkaan, in het zuiden ontketend, Komt het uit de woestijn, het oord van verschrikking!

Isaiah 47:1Kom af, zet u neer in het stof, Gij jonkvrouw, dochter van Babel; Zit neer op de grond, zonder troon, Gij dochter van de Chaldeën; Want niet langer zal men u noemen Verwend en vertroeteld.

Jeremiah 50:1Het woord, dat Jahweh door den profeet Jeremias over Babel en over het land der Chaldeën heeft gesproken:

Zechariah 2:7Op, Sion, Red u, Gij die bij de dochter van Babel woont.

Revelation 17:1Toen kwam een der zeven engelen, die de zeven schalen droegen, naderbij, en hij sprak tot mij: Kom mee; ik zal u het oordeel doen zien over de grote Ontuchtige, die aan vele wateren is gezeten,

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Psalmen 137:8

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschCharles SpurgeonScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Psalmen 137:7Psalmen 137Psalmen 137:9 →