Psalmen 38:3
Er is geen gezonde plek aan mijn vlees om uw toorn, Niets gaafs aan mijn gebeente om mijn zonden;
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
2Want uw pijlen hebben mij getroffen, Uw hand drukt zwaar op mij neer.
4Want mijn misdaden stapelen zich op mijn hoofd, En drukken mij neer als een loodzware last.
Cross References
Job 2:7Zo ging satan van Jahweh heen. Nu sloeg hij Job met kwaadaardige zweren van het hoofd tot de voeten;
Job 33:19Dan kastijdt Hij hem door smart op zijn sponde, Door een koorts in zijn beenderen zonder eind,
Psalms 31:9Ach Jahweh, ontferm U over mij, Want het is mij zo bang om het hart; Van verdriet kwijnt mijn oog, Mijn ziel en mijn lichaam.
Psalms 51:8Laat mij weer vreugde en blijdschap genieten, En mijn beenderen juichen, die Gij hebt verbrijzeld;
Psalms 102:3Want als rook gaan mijn dagen voorbij; En mijn gebeente gloeit als een oven;
Isaiah 1:5Waar wilt ge nú nog worden geslagen, Dat ge u altijd verzet? Het hoofd is helemaal ziek, Het hart kwijnt heel en al weg.