Psalmen 8:3
Als ik de hemelen zie, het werk uwer vingers, De maan en de sterren, die Gij een plaats hebt bereid:
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
4Wat is dan een mens, dat Gij hem zoudt gedenken, Een mensenkind, dat Gij acht op hem slaat?
Cross References
Genesis 1:1In het begin schiep God hemel en aarde.
Exodus 8:19Nu zeiden de tovenaars tot Farao: Dat is de vinger Gods! Maar Farao bleef hardnekkig, en wilde niet naar hen luisteren, zoals Jahweh voorspeld had.
Deuteronomy 4:19Wacht u er voor, uw blikken naar de hemel op te slaan en bij het zien van zon, maan en sterren, heel het heir van de hemel, u te laten verleiden, om hen te aanbidden en te dienen. Want Jahweh, uw God, heeft die aan alle volken onder heel de hemel overgelaten;
Job 25:3Zijn soms zijn legioenen te tellen, Tegen wien staan zijn troepen niet op!
Job 36:24Denk er aan, dat ook gij zijn daden verheft, Die de stervelingen moeten bezingen,
Psalms 33:6Door het woord van Jahweh zijn de hemelen gemaakt, Door de adem van zijn mond heel hun heir;