Hooglied 8:13
O gij bewoonster der hoven! de metgezellen merken op uw stem; doe ze Mij horen.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
Thou that dwellest in the gardens, the companions hearken to thy voice: cause me to hear it.
In Context
Cross References
Judges 14:11En het geschiedde, als zij hem zagen, zo namen zij dertig metgezellen, die bij hem zouden zijn.
Psalms 50:15En roept Mij aan in den dag der benauwdheid; Ik zal er u uithelpen, en gij zult Mij eren.
Song of Solomon 2:13De vijgeboom brengt zijn jonge vijgjes voort, en de wijnstokken geven reuk met hun jonge druifjes. Sta op, Mijn vriendin! Mijn schone, en kom!
Song of Solomon 4:16Ontwaak, noordenwind! en kom, Gij zuidenwind! doorwaai mijn hof, dat zijn specerijen uitvloeien. O, dat mijn Liefste tot Zijn hof kwame, en ate zijn edele vruchten!
Song of Solomon 6:2Mijn Liefste is afgegaan in Zijn hof, tot de specerijbedden, om te weiden in de hoven, en om de lelien te verzamelen.
Song of Solomon 7:11Kom, mijn Liefste! laat ons uitgaan in het veld, laat ons vernachten op de dorpen.