The Bible Software
bible.softwareJobJob 29 › Job 29:22

Job 29:22

Na mijn woord spraken zij niet weder, en mijn rede drupte op hen.

Statenvertaling (Nederlands)

In The King James Version

After my words they spake not again; and my speech dropped upon them.

In Context

21Zij hoorden mij aan, en wachtten, en zwegen op mijn raad.

23Want zij wachtten naar mij, gelijk naar den regen, en sperden hun mond open, als naar den spaden regen.

Read all of Job 29

Cross References

Job 32:15Zij zijn ontzet, zij antwoorden niet meer; zij hebben de woorden van zich verzet.

Song of Solomon 4:11Uw lippen, o bruid! druppen van honigzeem; honig en melk is onder uw tong, en de reuk uwer klederen is als de reuk van Libanon.

Ezekiel 20:46Mensenkind, zet uw aangezicht naar den weg van het zuiden, en drup tegen het zuiden; en profeteer tegen het woud van het veld in het zuiden.

Micah 2:6Profeteert gijlieden niet, zeggen zij, laat die profeteren; zij profeteren niet als die; men wijkt niet af van smaadheden.

Matthew 22:46En niemand kon Hem een woord antwoorden; noch iemand durfde Hem van dien dag aan iets meer vragen.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Almeida (Português)Luther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)聖經 (中文)성경 (한국어)الكتاب المقدس (العربية)बाइबल (हिन्दी)Biblia (Kiswahili)Bibbia Diodati (Italiano)Alkitab (Bahasa Indonesia)Kinh Thánh (Tiếng Việt)

Study Job 29:22

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Job 29:21Job 29Job 29:23 →