Romans 12:8
Hetzij die vermaant, in het vermanen; die uitdeelt, in eenvoudigheid; die een voorstander is, in naarstigheid; die barmhartigheid doet, in blijmoedigheid.
Statenvertaling (Nederlands)
In The King James Version
In Context
9De liefde zij ongeveinsd. Hebt een afkeer van het boze, en hangt het goede aan.
Cross References
Deuteronomy 15:8Maar gij zult hem uw hand mildelijk opendoen, en zult hem rijkelijk lenen, genoeg voor zijn gebrek, dat hem ontbreekt.
Deuteronomy 16:11En gij zult vrolijk zijn voor het aangezicht des HEEREN, uws Gods, gij, en uw zoon, en uw dochter, en uw dienstknecht, en uw dienstmaagd, en de Leviet, die in uw poorten is, en de vreemdeling, en de wees, en de weduwe, die in het midden van u zijn; in de plaats, die de HEERE, uw God, zal verkiezen, om Zijnen Naam aldaar te doen wonen.
Job 31:16Zo ik den armen hun begeerte onthouden heb, of de ogen der weduwe laten versmachten;
Psalms 101:1Een psalm van David. Ik zal van goedertierenheid en recht zingen; U zal ik psalmzingen, o HEERE!
Proverbs 22:9Die goed van oog is, die zal gezegend worden; want hij heeft van zijn brood den armen gegeven.
Ecclesiastes 11:1Werp uw brood uit op het water, want gij zult het vinden na vele dagen.