1 Kronieken 2:4
Zijn schoondochter Tamar schonk hem Fáres en Zara. Juda had dus in het geheel vijf kinderen.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
And Tamar his daughter in law bare him Pharez and Zerah. All the sons of Judah were five.
In Context
5De zonen van Fáres waren Chesron en Chamoel.
Cross References
Genesis 38:13Men bracht Tamar het bericht: Uw schoonvader komt naar Timna, om zijn schapen te scheren.
Genesis 38:30Daarna kwam zijn broertje, die de purperen draad om zijn handje had, en zij noemde hem Zara.
Numbers 26:20De geslachten van de Judeërs waren: het geslacht der Sjelanieten van Sjela; het geslacht der Farsieten van Fares; het geslacht der Zarieten van Zara.
Ruth 4:18Dit is de geslachtslijst van Fáres. Fáres was de vader van Esron,
1 Chronicles 9:4De volgende Judeërs: Oetai, zoon van Ammihoed, den zoon van Omri, zoon van Imri, zoon van Bani, een afstammeling van Fáres, den zoon van Juda.
Nehemiah 11:4terwijl die van de Judeërs en Benjamieten zich in Jerusalem vestigden. Van de Judeërs: Ataja, de zoon van Oezzi-ja, zoon van Zekarja, zoon van Amarja, zoon van Sjefatja, zoon van Mahalalel, uit de zonen van Fáres.