Habakuk 3:8
Is uw woede tegen de stromen ontstoken, Jahweh, uw gramschap tegen de zee? Neen, Gij rijdt op uw paarden En wagens, om redding te brengen!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
7Ik zie de tenten van Koesjan in nood, De zeilen uit het land van Midjan trillen.
9Uw boog is ontbloot, Gij hebt uw koker met pijlen gevuld;
Cross References
Exodus 14:21Nu strekte Moses zijn hand uit over de zee. En Jahweh wierp de zee terug door een sterke oostenwind, die de hele nacht bleef waaien. Hij maakte de zee droog land; want de wateren waren in tweeën gespleten.
Joshua 3:16of het water, dat van boven kwam, bleef staan, en rees heel in de verte omhoog als een dam, bij de stad Adam, die bij Saretan ligt; terwijl het water, dat naar de Araba-zee, de Zoutzee, vloeit, geheel verdween. Zo stak het volk tegenover Jericho over.
Psalms 45:4Vol moed op uw ros voor waarheid, onschuld en recht! Uw rechterhand lere U machtige daden;
Psalms 68:17Op de wagens van God: tienduizenden, duizend maal duizend, Trokt Gij van de Sinaï uw heiligdom binnen, o Heer;
Psalms 114:3De zee zag het, en sloeg op de vlucht, De Jordaan deinsde terug;
Isaiah 19:1Godsspraak over Egypte. Zie, Jahweh bestijgt een vlugge wolk, En rijdt Egypteland binnen: Egypte’s goden beven voor Hem, Het hart van Egypte smelt weg in zijn borst.