Jeremia 38:7
Zodra de Ethiopiër Ebed-Mélek, een der eunuchen in het koninklijk paleis, hoorde, dat men Jeremias in de put had geworpen,
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
Cross References
Deuteronomy 21:19dan moeten zijn vader en moeder hem laten grijpen, hem naar de oudsten der stad en naar de poort van zijn woonplaats laten brengen,
Job 29:7Als ik uitging naar de poort van de stad, En op het plein mijn zetel liet zetten:
Proverbs 29:10Bloeddorstige mensen haten den deugdzame, De goeden zijn bezorgd voor zijn leven.
Jeremiah 29:2nadat koning Jekonias met de gebiedster, de hovelingen en de magistraten van Juda en Jerusalem, met de smeden en bankwerkers Jerusalem hadden moeten verlaten.
Jeremiah 37:13Maar toen de profeet Jeremias bij de Benjaminpoort was gekomen, hield de wachtmeester, een zekere Jiri-ja, de zoon van Sjelemja, zoon van Chananja, hem aan, en zeide: Ge wilt overlopen naar de Chaldeën!
Amos 5:10Haten, die in de poort berispt, Verfoeien, die de waarheid spreekt!