Johannes 10:8
Alle anderen, die Mij zijn voorafgegaan, waren dieven en rovers; maar de schapen hebben niet naar hen geluisterd.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
All that ever came before me are thieves and robbers: but the sheep did not hear them.
In Context
7Daarom zei Jesus opnieuw: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Ik ben de deur der schapen.
Cross References
Jeremiah 23:1Wee de herders, die vernielen en verstrooien De kudde mijner weide, spreekt Jahweh!
Ezekiel 34:2Mensenkind, ge moet profeteren tegen de herders van Israël. Profeteer en zeg tot de herders: Zo spreekt Jahweh, de Heer! Wee de herders van Israël, die alleen zichzelven weidden! Of moeten de herders hun schápen niet weiden?
Zechariah 11:4Zo spreekt Jahweh, mijn God! Weid de schapen, ter slachting bestemd;
John 10:1Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie niet door de deur de schaapstal binnengaat, maar langs een andere zijde binnenklimt, hij is een dief en een rover.
John 10:27Mijn schapen luisteren naar mijn stem; Ik ken ze, en ze volgen Mij.