Spreuken 11:28
Wie op rijkdom vertrouwt, zal verwelken; Maar de rechtvaardigen botten als bladeren uit.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
He that trusteth in his riches shall fall: but the righteous shall flourish as a branch.
In Context
27Wie naar het goede streeft, vindt welbehagen; Wie het kwaad najaagt, hem zal het treffen.
29Wie zijn huis verwaarloost, oogst storm; Een dwaas wordt slaaf van een verstandig mens.
Cross References
Job 31:24Indien ik op goud mijn vertrouwen heb gesteld, Het fijnste goud mijn hoop heb genoemd;
Psalms 49:6Van allen, die op hun schatten vertrouwen, En op hun grote rijkdommen pochen?
Psalms 62:10Ook in afpersing stelt geen vertrouwen. Op diefstal geen ijdele hoop; En als de rijkdom vermeerdert, Hecht uw hart er niet aan.
Proverbs 10:15Het bezit is voor den rijke een sterke burcht, De armoede voor de behoeftigen een ongeluk.
Jeremiah 17:8Hij is als een boom, aan het water geplant, Die zijn wortels schiet in de beek; Die dreigende hitte niet vreest, Wiens blad niet verwelkt; Die in droge jaren niet kwijnt, Maar altijd vruchten blijft dragen.
Luke 12:20Maar God sprak tot hem: Dwaas, deze nacht eist men uw ziel van u op; en wat ge verworven hebt, naar wien zal het heengaan?