Psalmen 35:26
Neen, laat ze allen blozen van schaamte, Die zich vrolijk maken over mijn ongeluk; Met smaad en schande worden bedekt, Die een hoge toon tegen mij aanslaan.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
25Laat ze niet denken: “Ha, nu zijn wij tevreden!” Niet zeggen: “We hebben hem onder de voet!”
Cross References
Job 19:5Gij mist het recht, een grote mond tegen mij op te zetten, Mijn schande mij te verwijten!
Psalms 38:16Want ik vrees, dat men zich vrolijk over mij maakt, Een grote mond tegen mij zet, nu mijn voeten wankelen.
Psalms 40:15En verstarren van schaamte, Die tot mij roepen: “Ha, ha!”
Psalms 71:13Laat schaamte en schande hen treffen, Die mijn leven belagen; Hoon en smaad hen bedekken, Die mijn ongeluk zoeken.
Psalms 109:28Laat hèn dan maar vloeken, als Gìj mij wilt zegenen; Mijn vijand zich schamen, maar uw knecht zich verheugen;
Psalms 132:18Zijn vijanden zal Ik met schande bedekken, Mijn kroon zal schitteren op zijn hoofd!”