Psalmen 78:59
God merkte het, en ziedde van gramschap, En Israël begon Hem te walgen:
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
When God heard this, he was wroth, and greatly abhorred Israel:
In Context
58Ze tergden Hem door hun offerhoogten, En prikkelden Hem met hun beelden.
60Hij gaf zijn woning in Sjilo prijs, De tent, waar Hij onder de mensen verkeerde;
Cross References
Leviticus 20:23Leeft niet naar de zeden van de volken, die Ik voor u zal verjagen. Want omdat zij dit alles hebben gedaan, heb Ik een afschuw van hen gekregen,
Deuteronomy 32:19God zag het, en verwierp Uit gramschap zijn zonen en dochters.
Psalms 14:2Jahweh blikt uit de hemelen neer Op de kinderen der mensen: Om te zien, of er niet één verstandige is, Niet één, die God zoekt.
Lamentations 2:7Jahweh verstiet zijn altaar, En ontwijdde zijn heiligdom; Liet in de macht van den vijand De wal van zijn vesting: Men schreeuwde in Jahweh’s huis, Of het feestdag was.