The Bible Software
bible.software › Spreuken › Spreuken 30 › Spreuken 30:10

Spreuken 30:10

En besculdicht den knecht niet by sijnen Heere, dat hy bijauontueren v niet en vermalendijde, ende dat ghy neder valt.

Leuvense Bijbel 1548

In The King James Version

Accuse not a servant unto his master, lest he curse thee, and thou be found guilty.

In Context

9dat ick bijauontueren versaet sijnde niet ghetrocken en worde om te loochenen, ende segghe soude. Wie is die Heere? oft dat ick van ghebreckelijcheyt niet ghedwonghen worde om te stelen, ende den naem mijns Godts te versweeren.

11Daer is een gheslachte dat sijnen vader vermalendijt, ende sijnder moeder niet en ghebenedijt.

Read all of Spreuken 30

Cross References

Deuteronomy 15:9Wacht v dat v by auontueren gheen onghenadich ghedachte ouer en come, ende dat ghi in v herte niet en segt. Het seuenste iaer der vrijcheyt is nakende, ende dat ghi v ooghen afkeert van uwen armen broeder, niet willende hem leenen dat hy begheert, op dat hi teghen v niet en roepe aen den Heere, ende dat v dat ter sonden gherekent worde.

1 Samuel 22:9Doen antworde Doech een man van Edom die by hem stont, ende was dierste onder Sauls knechten. Ic heb (seyt hy) den sone van Isai ghesien te Nobe by Achi-melech Achitobs sone den priester,

1 Samuel 26:19Daer om soo bid ick v mijn Heere die coninc wilt doch nv hooren ws dienaers woorden. Eest dat die Heere v verwect teghen my, soo laet een welriekende sacrificie ontsteken, Maer eest dat die kinderen der menschen v op rucken, soo sijn sij vermalendijt voor des Heeren aenschijn, die my heden verdreuen hebben, dat ick in des Heeren erfdeel niet woonen en soude, segghende. Ghaet henen ende dient vreemde Goden,

2 Samuel 16:1ENde doen Dauid een luttel ouer dat hoochste vanden berghe ghegaen was, soo quam Siba Miphi-boseths knecht hem te ghemoete, met twee ezels die gheladen waren met tweehondert brooden ende hondert bondelen rosijnen, ende hondert clonten vijghen, ende twee leren wijnflesschen.

2 Chronicles 24:22Ende Ioas die coninc en heeft niet ghedachtich gheweest der bermherticheyt die Ioiada diens vader met hem ghedaen hadde, maer hy heeft sijnen sone ghedoodt, Die welcke (doen hy sterf) seyde. Die Heere moet aensien ende versoecken.

Proverbs 24:23Dese woerden sijn oock totten wijsen. Dat bekennen van persoonen int oordeel en is niet goet.

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Spreuken 30:10

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Spreuken 30:9Spreuken 30Spreuken 30:11 →