Job 19:12
Als één man rukken zijn benden aan, En banen hun weg naar mij heen; Ze legeren zich rond mijn tent, Ze zijn zonder genade!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
His troops come together, and raise up their way against me, and encamp round about my tabernacle.
In Context
11Zijn gramschap tegen mij laten woeden, Mij als zijn vijand behandeld.
13Mijn broeders houden zich verre van mij, Mijn bekenden zijn vreemden voor mij;
Cross References
Job 6:4Ja, de pijlen van den Almachtige blijven in mij steken, Mijn geest zuigt er het gif van op; De verschrikkingen Gods Stellen zich tegen mij in slagorde op!
Job 16:11Want God levert mij aan deugnieten over, En werpt mij in de handen der bozen;
Job 30:12Aan mijn rechterhand verheft zich dat broed, Mijn voeten stoten hen weg; Ze banen tegen mij hun onheilspaden,
Isaiah 51:23Ik plaats hem in de handen van uw verdrukkers, In de handen van uw tyrannen, Die tot u zeggen: Buk u neer, Opdat wij over u heen kunnen lopen; Maak uw rug tot een bodem, Tot een straat om te wandelen.