Job 19:20
Mijn vlees teert weg in mijn huid Met mijn tanden knaag ik mijn beenderen af.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
My bone cleaveth to my skin and to my flesh, and I am escaped with the skin of my teeth.
In Context
19Al mijn getrouwen verafschuwen mij, Die ik liefhad, keren zich van mij af;
21Erbarming, erbarming: gij tenminste, mijn vrienden, Want de hand van God heeft mij geraakt;
Cross References
Job 7:5Mijn vlees is met maden en korsten bedekt, Mijn huid splijt open en draagt;
Job 33:19Dan kastijdt Hij hem door smart op zijn sponde, Door een koorts in zijn beenderen zonder eind,
Psalms 22:14Als water ben ik uitgegoten, Al mijn beenderen zijn ontwricht; Mijn hart is als was, Smelt weg in mijn borst.
Psalms 32:3Zolang ik bleef zwijgen, werd mijn gebeente verteerd Door mijn kreunen heel de dag;
Psalms 102:3Want als rook gaan mijn dagen voorbij; En mijn gebeente gloeit als een oven;
Psalms 102:6Ik ben als een pelikaan der woestijn, En als een uil tussen puinen;