Spreuken 28:20
Een eerlijk mens wordt rijkelijk gezegend; Wie te spoedig rijk wil worden, blijft niet ongestraft.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
19Wie een akker bebouwt, heeft eten genoeg; Wie zijn tijd verbeuzelt, zit volop in de armoe.
21Partijdigheid is altijd verkeerd: Voor een stuk brood kan iemand een misdrijf begaan.
Cross References
2 Kings 5:20zeide Gechazi, de dienaar van den godsman Eliseus, bij zichzelf: Mijn heer heeft dien Arameër Naäman wel gespaard, door niets van hem aan te nemen van al wat hij meebracht. Zo waar Jahweh leeft; ik loop hem achterna, en zie wat van hem te krijgen.
Psalms 101:6Mijn ogen zijn gericht op de getrouwen in het land, Om ze bij mij te doen wonen; En wie een onberispelijk leven leidt, Mag mij dienen.
Proverbs 10:6Zegen rust op het hoofd van den rechtvaardige, Maar geweld zal het gezicht der bozen bedekken
Proverbs 17:5Wie een arme bespot, smaadt zijn Schepper; Wie leedvermaak heeft, blijft niet ongestraft.
Proverbs 20:21Een bezit, te spoedig verkregen, Brengt tenslotte geen zegen.
Proverbs 28:22Een boosaardig mens wil spoedig rijk worden, Niet vermoedend, dat het gebrek hem wacht.