Psalmen 69:9
Want de ijver voor uw huis heeft mij verteerd, Op mij valt de smaad van hen, die U smaden.
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
In Context
8Ik ben een vreemdeling voor mijn broeders geworden, Een onbekende voor de zonen mijner moeder:
10Als ik ween, en mij door vasten kastijd, Wordt het mij tot schande gerekend;
Cross References
1 Chronicles 15:27David was daarbij gekleed in een mantel van fijn lijnwaad, gelijk alle levieten, die de ark droegen, en zoals de zangers, Kenanja, de leider van het vervoer, en de muzikanten; verder was David slechts met een linnen borstkleed bedekt.
Job 19:13Mijn broeders houden zich verre van mij, Mijn bekenden zijn vreemden voor mij;
Psalms 89:41Iedereen plundert hem, die er voorbij gaat, En zijn buren spotten met hem.
Psalms 119:139Ik word door ergernis verteerd, Omdat mijn vijanden uw woord vergeten;
John 2:14Hij zag in de tempel de verkopers van runderen, schapen en duiven; ook de geldwisselaars, die zich daar hadden neergezet.