Hooglied 1:16
Wat zijt ge verrukkelijk schoon, mijn beminde Ons rustbed is in het groen!
De Heilige Schrift, Petrus Canisiusvertaling, 1939
In The King James Version
Behold, thou art fair, my beloved, yea, pleasant: also our bed is green.
In Context
15Wat zijt ge verrukkelijk, mijn liefste, Uw ogen zijn duiven.
17De binten van ons paleis zijn ceders, Onze wanden cypressen.
Cross References
Psalms 110:3Gij draagt de offers ten dage van uw mannelijke kracht, Zijt met de heilige gewaden bekleed Van de moederschoot af, Sinds de morgendauw uwer jeugd.
Song of Solomon 3:7Zie, het is de draagkoets van Salomon, Door zestig van Israëls helden omringd:
Song of Solomon 5:13Zijn wangen zijn als balsembedden, Waar geurige kruiden op groeien; Zijn lippen zijn lelies, En druipen van vloeiende mirre.
Philippians 3:8Ja, alles houd ik voor schade, omdat de kennis van Christus Jesus, mijn Heer, alles te boven gaat. Om Hem heb ik alles prijsgegeven en heb het als vuilnis geacht, om Christus te winnen