The Bible Software
bible.software › Klaagliederen › Klaagliederen 2 › Klaagliederen 2:11

Klaagliederen 2:11

Caph. Mijn ooghen faelgeerden doer die tranen, mijn binnenste sijn heel ontstelt, mijn leuere is wtghestort op die eerde ouer die vernielinghe van die dochter mijns volcs, als dat cleyn kint, ende het suyghelinck verghinck in die straten der stadt.

Leuvense Bijbel 1548

In The King James Version

Mine eyes do fail with tears, my bowels are troubled, my liver is poured upon the earth, for the destruction of the daughter of my people; because the children and the sucklings swoon in the streets of the city.

In Context

10Iod. Sy hebben op deerde gheseten, die ouders der dochter van Sion hebben tsamen ghesweghen, sij hebben met asschen hen hoofden bespraeyt, sij sijn met hairen cleederen omgort, die maechden van Ierusalem hebben haer hoofden ter eerden neder gheslaghen.

12Lamed. Sy seyden tot hen moederen, waer is die tarwe ende den wijn? als sij verghinghen als ghewonde in die straten der stadt, als sij hen zielen wtgauen in haerder moeder schoodt.

Read all of Klaagliederen 2

Cross References

1 Samuel 30:4soo hebben Dauid ende tvolck dat met hem was haer stemmen opghehauen, ende iammerlijck gheweent, tot dat hen die tranen begauen,

Psalms 6:7Mijn ooghe is van die verbolghentheyt verslaghen, ick ben veroudert onder mijn vianden.

Psalms 31:9En wilt niet worden ghelijck een peert oft eenen muyl, die welcke gheen verstant en hebben. Met den binseel ende thoom so bedwinghet hen kinnebacken die tot by v niet en comen.

Isaiah 22:4Daerom heb ick gheseydt. Gaet wech van my, ic sal bitterlijc weenen, en wilt daer niet nae staen dat ghy my soudt vertroosten van die verwoestheyt des dochters mijns volcs,

Isaiah 51:20V kinderen zijn verworpen, sij hebben gheslapen int hooft van allen weghen als den Orix met eenen strick ghevanghen, soo zijn sij vol van des Heeren verbolghentheyt, van die straffinghe ws Godts.

Jeremiah 8:19Siet die stemme van die dochter mijns volcks van een verre lant. En is die Heere in Sion niet, oft en is haer coninck in haer niet? waerom hebben si my dan tot gramscappe verwect, in hen ghesneden beelden, ende in die vreemde ydelheden?

This Verse In Other Editions

King James VersionBíblia Portuguesa MundialLuther Bibel (Deutsch)Bible Louis Segond (Français)Библия (Русский)新标点和合本성경 (한국어)الكتاب المقدس باللغة العربية، فان دايكBibbia Diodati (Italiano)Kinh Thánh (Tiếng Việt)Biblia Cornilescu (Română)Polish Biblia Gdanska (1881)Statenvertaling (Nederlands)

Study Klaagliederen 2:11

Matthew HenryJamieson-Fausset-BrownAdam ClarkeJohn WesleyJohn CalvinKeil and DelitzschScofieldFamily Bible NotesGeneva Bible Notes (1599)
← Klaagliederen 2:10Klaagliederen 2Klaagliederen 2:12 →